Afd. Gezelschapsdieren
0595 44 18 00

Afd. Landbouwhuisdieren
0595 44 17 06

Afd. Paarden
06 22 84 71 63

Uiergezondheid

Uiergezondheid is één van de belangrijkste aandachtspunten op het melkveebedrijf. Als praktijk besteden we hier op diverse manieren aandacht aan. Via de bedrijfsbegeleiding kunnen we de getallen rondom uierontsteking bespreken, de droogstand evalueren en bespreken we of de ingezette therapie nog voldoende werkt. Het belangrijkste onderdeel vormt echter het opsporen en elimineren van de specifieke risicofactoren op uw bedrijf.

Om deze risicofactoren op te sporen is het belangrijk om de bovenstaande getallen boven water te krijgen en door melkonderzoek te doen. Met behulp van Bacteriologisch Onderzoek (BO) en de Gevoeligheid (ABG) is vast te stellen of de ingezette therapie de juiste is en welke bacterie een rol speelt. Om een betrouwbaar melkonderzoek uit te voeren is het belangrijk om een Steriel Melkmonster te nemen.

Mastitis:

Voor de behandeling van mastitis zijn er verschillende uierinjectoren beschikbaar, welke ook weer aan regelgeving gebonden zijn. Mastitis wordt tegenwoordig geclassifeerd in:

Graad 1 : alleen afwijkende melk

Graad 2 : afwijkende melk + afwijkend kwartier (warm, rood, pijnlijk en gezwollen)

Graad 3 : de algeheel zieke koe

Voor de behandeling van Graad 1 & 2 is het alleen nog toegestaan om gebruik te maken van een 1e keuze uierinjector. Bij onze praktijk komt u dan uit op Ubropen of Orbenin Lactation. In geval van een graad 3 mastitis mag u de bekende injectoren (Avuloxil, Ubrolexin, Mastiplan & Albiotic) direct inzetten. 1e keuze antbiotica werken niet tegen E.coli & Klebsiella, waardoor soms het direct inzetten van een 2e keuze middel toch noodzakelijk is om de koe goed te behandelen. Daarom is het nog belangrijker om regelmatig melkonderzoek te doen. Op deze manier weet u welke kiemen op uw bedrijf spelen en/of u ook "veilig" 1e keuze antibiotica kunt inzetten! 

In Uierontsteking & kiemen staan schematisch de behandelingen en kiemen weergegeven.

Droogstandevaluatie praktijk:Droogstandevaluatie praktijk

Tijdens onze avond voor rundveehouders 2015 is de bijgevoegde grafiek te zien geweest. De stipjes, verdeelt in 4 kwadranten, stellen de verschillende bedrijven voor die in Pir-DAP zitten. Op sommige bedrijven is de genezing niet goed, maar wordt het ontstaan van nieuwe infecties goed voorkomen. Op andere bedrijven is het juist het ontstaan van nieuwe infecties in de droogstand een aandachtspunt. Hoe zit het met de droogstand op uw bedrijf?

Droogzetten:

Het droogzetten van koeien is aan regels gebonden. Koeien met een celgetal <50.000 cellen mag u niet meer preventief met antibiotica droogzetten. Voor vaarzen ligt de grens op <150.000 cellen. Om het overzichtelijk te houden hebben wij dit samengevat in het Stroomschema Droogzetten. Daarnaast hebben we in het stroomschema ook diverse risicofactoren weergegeven die een rol spelen in de droogstand. Bij het droogzetten wordt steeds vaker Orbeseal als speenafsluiter ingezet. In deze injector zit nog lucht dat voor toediening verwijdert moet worden. Een handige manier is ontluchten Orbeseal .

Wat kunnen wij voor uw betekenen?:

  • Bedrijfsspecifieke advisering
  • Melkonderzoek op celgetal, bacteriologisch onderzoek en gevoeligheidsbepaling
  • Droogstandevaluatie
  • De workshop: "Droogzetten doe je zo!"

Kijk ook eens op Uiergezondheids Wijzer voor enkele aandachtspunten.

Vaccinatie:

Wist u dat er ook een vaccin tegen mastitis bestaat? Het vaccin heet Startvac en werkt onder andere tegen Staphylococcus aureus, Coagulase-Negatieve Stafylokokken en coliformen (E.coli en/of Klebsiella). Ons advies is om eerst melkonderzoek te doen bij uw koeien en te bepalen of deze verwekkers de belangrijkste bron van mastitis op uw bedrijf zijn. Is dit het geval dan is het zeker het overwegen waard om te gaan vaccineren. Ervaring in de praktijk

Laatst aangepast op maandag, 23 april 2018 15:45

Adresgegevens

Hoofdlocatie Winsum
Lombok 27
9951 SC Winsum (Groningen)

Dependance Leens
Valge 1
9965 PD Leens